KLASSIEKER: Soil and soul

Rutger Henneman

 

Heilige Berg en Landhervorming

In de jaren ‘90 raakte de Schotse academicus, schrijver, poëet en activist Alastair McIntosh betrokken bij de strijd van twee Schotse dorpen voor het behoud van het land waarop en waarvan zij leefden. Voor de bewoners van Isle of Eigg was het leven lange tijd onzeker doordat hun eiland in korte tijd van landheer tot landheer in eigendom overging. McIntosh hielp de bewoners in een lange campagne waarin ze het eiland in gemeenschappelijk eigendom wisten te krijgen. Dat succes was een van de aanleidingen en inspiratiebronnen voor een nationale landhervormingsbeweging die heeft geleid tot een landhervormingswet in 2003 ter ondersteuning van dorpen die hun land in gemeenschappelijk eigendom willen overnemen van hun landheer. Ook hielp McIntosh de bewoners van Isle of Harris in een succesvolle strijd tegen een internationaal wegenbouwsteenbedrijf, die de ‘heilige’ berg Roigneaval van 1000 meter hoogte wilde afgraven tot een gat van 1000 meter diepte.

 

‘Community Empowerment’

Soil and Soul, people versus corporate power,[1] is het boek waarin McIntosh reflecteert op de strijd van deze dorpen tegen de ontwortelende krachten van een wereld met een geglobaliseerde markteconomie. Essentieel in de strijd van deze dorpen is volgens McIntosh het proces van ‘community empowerment’. Dit is voornamelijk een ‘spiritueel’ proces, waarin een gemeenschap tot ontwikkeling komt en meer zichzelf wordt voordat het klaar is om de strijd met een landheer of internationaal bedrijf aan te gaan. Een gemeenschap moet graven in de ziel van de lokale cultuur: naar die culturele hoofdwortel die leven geeft. Voor de Schotse dorpen betekent dat graven in de Christelijke spiritualiteit, maar dan vooral een Keltisch-Christelijke spiritualiteit waarin ontzag en eerbied (reverence) voor de natuurlijke wereld en het land centraal staat. Zo is land, vanuit de bijbel gezien, geen handelswaar wat voor altijd verkocht kan worden. De aarde is van de Heer en land moet in een jubeljaar terugkeren naar de oorspronkelijke gebruikers, om de accumulatie van rijkdom tegen te gaan. Bovendien toont Jezus Christus de overwinning aan van de ‘macht van liefde boven de liefde voor macht’.[2] Het is volgens McIntosh weer zaak om de aanwezigheid van de heilige geest te beleven als een doorgaande openbaring in ons leven. Een Keltische spiritualiteit is een levendige spiritualiteit die land, ziel en gemeenschap met elkaar verbindt.

McIntosh vertelt dat het aanboren van dergelijke culturele wortels de gemeenschappen op de eilanden van Harris en Eigg deed opleven en kracht gaf om hun sociale strijd te leveren. Het aanspreken van dergelijke spirituele wortels was niet slechts een tactiek, maar meer een essentieel onderdeel van het doel van het proces. De strijd bracht gemeenschappen voort van mensen die gegroeid waren, tot ontwikkeling gekomen zijn en meer het potentieel of de bloesem hebben doen ontluiken die ze van binnen dragen.

 

Gebroken Tijd

Voor McIntosh is de lokale strijd van deze dorpen exemplarisch voor het proces waarin onze gebroken tijd geheeld moet worden. We leven in een tijd dat ‘dertig tot honderd planten en diersoorten per dag uitsterven en de armen bloeden’.[3] Dergelijke verschrikkelijke fenomenen maken bewust en onbewust onderdeel uit van wie wij zijn. Het is belangrijk dat we allereerst de gebrokenheid in onze ziel omarmen als een realiteit zowel van ons persoonlijk als van de wereld. Als het ons lukt niet weg te lopen van die innerlijke pijn dan zullen we ervaren dat ‘…a music may eventually be heard. The fetters of destructive control loosen. Life’s dance resurges. And there is joy in spite of everything.’ [4]

Daarnaast moeten we in de cultuur van onze lokale gemeenschap graven naar de ‘eeuwige hoofdwortel’ (eternal taproot). We moeten ons weer verbinden met de ziel van onze cultuur, met dat wat leven geeft in onze oude tradities, om te midden van de betekenisloosheid van onze tijd weer tot bloei te komen. Nieuw leven kan opbloeien uit eeuwenoude inzichten. Minstens net zo belangrijk is het niet alleen te verbinden met de gemeenschap en ziel, maar ook met het de aarde en het land waarop we staan.

‘We yearn for connection with one another and with the soul. But we forget that, like the earthworm, we too are an organism of the soil. We too need grounding.’[5]

Deze relatie met het land is net zo fundamenteel voor ons wezen als die relatie met onze medemens en met de ziel of ‘dat wat leven geeft’ in onze cultuur.

 

Land en Ziel in de Stad

Soil and Soul zou niet alleen in Schotland een klassieker moeten zijn. Juist hier in Nederland, in een stad als Rotterdam waar onze natuurlijke en menselijke omgeving sneller veranderd dan waar dan ook, moeten we ons weer zien te verbinden met dat wat ons stabiliteit, en levenskracht geeft: onze lokale gemeenschap, onze culturele en persoonlijke ‘ziel’ en onze natuurlijke omgeving. Want hier zijn die banden nog veel meer verbroken dan in boerendorpen in Schotland. In 2007 nodigde McIntosh mij uit om naar Schotland te komen om onderzoek te doen naar de spirituele en religieuze wortels van de huidige landhervormingsbeweging van boeren die land in gemeenschappelijk eigendom over willen nemen. Daarin kwamen we tot de conclusie dat die band met de gemeenschap en het land, maar ook met de oude Keltisch-Christelijke traditie heel breed leeft in boerengemeenschappen in Schotland. Een dergelijk bewustzijn was zelfs zo sterk dat het een belangrijke inspiratiebron bood voor een nationale beweging om een historisch onrecht van grootgrondbezit in Schotland terug te draaien en een vorm van gemeenschappelijk landeigendom te ontwikkelen die zowel oud als nieuw is in een moderne democratische context.

Soil and Soul geeft een diep inzicht in de diepere maatschappelijke en culturele fundamenten van de crisis van onze tijd. McIntosh is een meester in het vervlechten van sociologische, culturele, filosofische en spirituele inzichten met zijn praktijkervaring met de concrete strijd die lokaal gevoerd moet worden. Die aandacht voor de lokale praktijk maakt zijn boek universeel: wij zullen allemaal in onze lokale omgeving moeten omgaan met de concrete lokale manifestaties van een wereldwijde ‘gebrokenheid’.

Wat moeten we bijvoorbeeld doen in een stad als Rotterdam om ons gebroken bestaan te midden van wereldwijde armoede en ecologische destructie te helen? De boodschap van McIntosh is nergens urgenter dan in een moderne stad als Rotterdam. Nergens is de band met onze medemens meer gebroken dan hier. Degene die de rijst teelt die op ons bord ligt en diegene die in een sloppenwijk moet leven omdat het land in zijn omgeving gebruikt wordt voor mijn luxe consumptie van koffie, hebben we nooit gezien, misbruiken we en sluiten we uit van een plekje op aarde en van middelen om te leven. Het land waar we van afhankelijk zijn zien we ook niet en het land in onze omgeving hebben we geen band mee omdat het sneller dan waar ook als handelswaar van hand tot hand gaat, dan weer op gebouwd wordt, dan weer op gesloopt wordt, dan weer braak ligt, een industrieterrein gebouwd wordt of een spoorweg?

Een boek als Soil and Soul kan op veel terreinen inspireren. Voor mij is de boodschap van McIntosh een directe inspiratiebron geweest om vredestuinen te ontwikkelen: tuinen waar je met buurtbewoners samen op het land kan werken waar gemeenschapszin ontstaat en men een band kan opbouwen met een stuk groen in hun omgeving; tuinen waar iedereen over beschikt die meedoet en niemand uitgesloten wordt. En op dergelijke tuinen wordt de band geheeld met onze medemens wereldwijd omdat er een leven van eenvoud gecultiveerd wordt in plaats van een leven van hebzucht en uitsluiting. Een boodschap als die van McIntosh kan ons hier in de vele wijken van Rotterdam inspireren om het potentieel van die culturele krachten aan te boren in onze tradities, die de gebrokenheid van ons leven in hebzucht en uitsluiting kunnen helen.

 

[1] McIntosh, A. (2004), Soil and Soul, People versus Corporate Power. London: Aurum Press.

[2] McIntosh (2004) p. 220

[3] McIntosh (2004) p. 2

[4] McIntosh (2004) p. 2

[5] McIntosh (2004) p. 1

This entry was posted in Artikelen. Bookmark the permalink.

Comments are closed.