LEZERSBRIEF: Paradigma’s verlangen

Beste redactie,

Mijn complimenten voor de analytische verdieping van de eerste editie van Het Potentieel.

Ondergetekende heeft helderheid verkregen: angst voor krimp (‘museum europa’), marginalisatie – opkopen van grond (‘crisis en het potentieel’), het verschil tussen ecologisme en environmentalisme (‘ecologisch activisme’) en veel herkenning alsmede inspiratie gevonden in het artikel ‘Soil and soul’.

Ook is er commentaar (uiteraard): de ‘rijken’ hebben een grotere ecologische voetafdruk? Is het niet zo dat voor de lagere economische klasse alles (want goedkoop) en masse geproduceerd wordt?

En er bestaat vraag naar meer: hoe ver reikt het vrije marktprincipe, ooit door Reagan en Thatcher geïnitieerd? Of: een veelgebruikte woord uit het magazine is “maatschappij”. Wellicht is een uiteenzetting van de definitie van dit woord nuttig.

En dan ‘Gandhi en de crisis’: Gandhi voorziet ons van een interessante opdracht. Mensen in een ander (nederig) kader plaatsen, in dienst van elkaar en het Goddelijke. Zijn opvattingen – die sterk overeenkomen met één van zijn inspirators Thoreau (transcendentalisme) – zijn haast niet voor te stellen in de westerse samenleving: emotie boven rede, natuur boven mens, het relationele voor het absolute en de overtuiging voor de dwang. Nog buiten het feit dat Nederland een afkeer schijnt te hebben van het woord ‘spiritueel’ (wat in wezen niets anders voorstelt dan ‘circulair’ – wat op zijn beurt weer te maken heeft met energetische trilling en interactie).

Ik lees artikelen over Gandhi met veel belangstelling, er zijn echter wezenlijke elementen in het artikel van Henneman die onbeantwoord blijven. De volgende drie elementen zullen in hun eventueel repliek waarschijnlijk veel samenhang vertonen, maar toch daag ik de auteur van ‘Gandhi en de Crisis’ uit te komen met een concretere uitwerking van zijn eerdere uiteenzetting. Wat moet er nu concreet gebeuren?

Ik zet de drie elementen op een rij:

  1. De ontologische crisis – de Waarheid is niet gerelateerd aan het ik: dit lijkt me een onmogelijk haalbaar perspectief in de westerse wereld, in een context die zo geënt is op het individu. Een paradigmashift is, deze denktrant volgend, onontkoombaar. Hoe moet deze eruit zien?
  2. “Verlangens hechten ons en maken ons onvrij” – Zijn wij in deze tijd van marketingtrucs, individualisatie en invloed van media überhaupt wel in staat tot onthouding, tot zelfopoffering, tot onafhankelijkheid van het lot van materieel bezit? Is juist een afname van kritische (zelf)reflectie en daarmee dus een aanname van alles wat ons aangeboden wordt de realiteit? Dus een spirituele omslag: hoe ziet de auteur van het artikel dit voor zich? Hoe creëren we een opening in ons “radicale culturele onvermogen” ?
  3. Het bestrijden van individueel uitsluitend eigendom over de aarde, het verwerpen van individueel exclusief eigendom – hetgeen Gandhi’s streven was – zal uitmonden in het institutionaliseren van een andere relatie tussen mens, gemeenschap en aarde. Denk aan o.a. de in het artikel beschreven decentralisatie van macht. Hoe ziet de auteur het wegvallen van eigendom verwerkelijkt?

Om tot begrip en concretisering te komen ben ik benieuwd naar het vervolgexposé van de auteur van het artikel.

Hartelijke groet,
Ferdy Karto

Ferdy Karto is performer, schrijver en cultureel verbeelder.
www. expressence.nl

 

This entry was posted in Artikelen. Bookmark the permalink.

Comments are closed.